Sectie Staurospora (Largent & Thiers) Noordel.
Sporen kubus- of stervormig; hoed glad tot vezelig of schubbig; hoedhuid een cutis, vaak
met overgangen naar een trichoderm van wijde hyfen met intracellulair, zelden geincrustreerd
pigment. Soorten: E. conferendum(Britz) Noordel. mit var. pusillum
(Velen.) Noordel. und var. ,i>incrustatum (Largent & Thiers) Noordel. & Hauskn.;
E. rhombisporum (Kühn. & Bours.) Horak; E. prismatospermum (Romagn.) Horak;
E. percuboideum Noordel. & Hausknecht; E. galericolor Courtecuisse
|
 E. conferendum |
 E. conferendum, spores |
 E. conferendum, spores |
Sectie Phlebophora Noordel.
: habitus min of meer pluteus-achtig met een geaderde hoed en bijna vrije plaatjes.
Cheilocystiden ruim voorhanden. Hoedhuid een overgang naar een trichoderm van heel
wijde elementen met intracellulair pigment. Daarnaast fijn geincrustreerd pigment
in de lagere regionen van de hoedhuid.
Soorten: E. kitsii Noordel.
|
Sectie Erophila (Romagn.) Noordel.
Habitus inocybeoid soms bijna tricholomatoid met een fijn vezelige tot schubbige hoed;
pigment intracellulair; cheilocystiden meestal afwezig.
Soorten: E. plebejum (Kalchbr.) Noordel.;
E. opacum (Velen) Noordel.; E. plebeioides (Schulz.) Noordel.;
E. resutum (Fr.) Quél.; E. vezzaneense Noordel. & Hauskn. |
 E. resutum |
Sectie Calliderma (Romagn.) Noordel.
Hoedoppervlak fluwelig tot korrelig; hoedhuid een calliderm met intracellulair pigment; gespen vaak afwezig.
Soorten:
: E. henrici Horak & Aeberhardt; E. jennyi Noordel & Ten Cate;
E. phlebodermum Noordel. & Hauskn |
Sectie Pallideradicata Noordel. & Hauskn.
Hoed fijn vezelig schubbig; hoedhuid een trichoderm van wijde hyfen met intracellulair
pigment; steel vaak wortelend.Soorten: E. eximium
(Romagn.) Noordel.; E. pallideradicatum Noordel. & Hauskn. |
Sectie Hispiduli Noordel.
habitus inocybeoid met sterk vezelig-schubbige hoed;
pigment intracellulair en soms ook geincrustreerd. Tot voorkort werden deze
soorten in de sectie Leptonia ondergebracht, maar op grond
van de vezelkop-achtige habitus en type incrustrerend pigment
vinden ze beter een plek in Inocephalus.Soorten: E. hispidulum
(M. Lange) Noordel.; E. sanvitalense Noordel. & Hauskn.
|