De Elzeboleet, Gyrodon, in Nederland
Inleiding
Gyrdon is een klein geslacht van boleten, met een paar afwijkende eigenschappen: de buisjeslaag is heel dun en de poriën heel fijn, waardoor de onderzijde van de padestoel eerder aan die van een houtzwam (polypoor)
dan van een boleet doet denken. Echter, de vruchtlichamen zijn vlezig en niet houtig, en de buisjeslaag kan gemakkelijk van de hoed worden gescheiden.
De hoed is over het algemeen glad, weinig kleverig. Velum ontbreekt, er is dus ook geen ring. De buisjeslaag loopt diep al op de steel. De enige in Nederland voorkomende soort, de Elzenboleet G. lividus
leeft in symbiose (mycorrhiza) met de Zwarte Els (Alnus glutinosa) op voeselrijke grond.
|
Gyrodon lividus (Bull.: Fr.) Sacc. - Elzeboleet
Kleurenplaten: Breitenbach & Kränzlin, Pilze Schweiz 3: pl. 28. 1991; Galli, Boleti: 47. 1998; R. Phillips, Paddest. Schimm.: 206. 1981.
Beschrijving
Hoed tot 180 mm doorsnee, gewelfd tot bijna vlak met ingerolde later meer uitgespreide rand; vaak met sterk golvende randzone bij ouderdom, geel, vaak met bruine vlekken bij ouderdom, bij vocht kleverig tot slijmig, glad. Buisjes heel kort, diep aflopend op de steel, geel, sterk blauwgrijs verkleurend bij kneuzing; poriën klein, 1-2 mm in doorsnee, onregelmatig van vorm, geel. Steel 30-70 x 4-16 mm, centraal aangehecht of iets uit het midden tot duidelijk zijdelings, vaak onregelmatig van vorm, bleek bruin, droog tot iets kleverig, oppervlak min of meer glad, vaak met een mica-achtige glans, alsof er een slak over heeft gekropen. Vlees bleekbruin. Geur en smaak onopvallend. Alle delen van het vruchtlichaam verkleuren sterk blauwgrijs bij kneuzing.
Ecologie en verspreidingMycorriza-symbiont van de Zwarte els in loofbossen op vochtige, voedselrijke zand- en leemgrond. Vrij zeldzaam en bedreigd. Kaart in Nauta & Vellinga, Atl. Ned. Paddest.: 75. 1995.
|  |